De Boomgaard

De Boomgaard neemt ons voor twee dagen mee naar het gezin Vandenbroeck. Vader slooft zich uit op een verzekeringskantoor. Dat uitsloven heeft niets met prestatiedrang te maken, integendeel. Hij vindt dat zijn leven er verspild wordt en werkt er lusteloos, met tegenzin. Juul maakt zijn tijd op in tuinderbrochures en dromen over een boomgaard. Zelfs luidop. Dit droomleven, zijn vlucht uit het echte leven werpt een donkere schaduw over het gezin.
Zijn vrouw Lies staat karakterieel en moreel veel sterker en bestuurt met milde maar vaste hand het huishouden. Zij ziet de onderlinge verhoudingen in haar gezin echter bergaf gaan.
De adolescente zoon en dochter vechten nog tegen een paar psychische groeipijnen. Rita zit emitioneel niet zo lekker in haar vel; bij Jan ligt het eerder mentaal.
Een maand later. Na enkele onkiese gebeurtenissen neemt Lies een ferm besluit. Haar man, niet in staat echt te leven, wil de zaken op de lange baan schuiven. Dat zal zware gevolgen hebben voor alle gezinsleden.
Robert Bolt tekent de antiheld, de slappeling, de dromer heel scherp. Evenals de weerslag op zijn omgeving. Voor dat karakter is de afstand tussen zijn dromerijen (het ideale) en het beheer van een echte boomgaard (de realiteit) onoverbrugbaar.

Rolverdeling :

Lies: Georgette Meganck
Juul: Willy Devisscher
Jan: Stefaan Van Der Stricht
Rita: Melissa Pletinckx
Mr. Segers: William Cools
Mr. Verberck: Willy Bauwens
Lilly: Marleen Beeckman

Data: 
zaterdag, 4 april, 1992
vrijdag, 10 april, 1992
zaterdag, 11 april, 1992
Regisseur: 
Gilbert Pletinckx
Schrijver: 
Robert Bolt